Digitale problemen rondom gebruik parkeervergunning in Alphen aan den Rijn

VRAGEN OP GROND VAN ARTIKEL 40 REGLEMENT VAN ORDE

Ank de Groot-Slagter, fractievoorzitter RijnGouweLokaal

Alphen aan den Rijn, 8 mei 2018

 

Het College van Burgemeester en Wethouders

Geacht College,

Onze fractie heeft vragen naar aanleiding van de nieuwe digitale parkeervergunningen.

Al eerder hebben wij aandacht gevraagd voor het feit dat niet iedereen even handig met de computer is, dan wel niet eens in het bezit is van een computer of geen DigiD heeft. De toenmalige wethouder heeft toegezegd na te gaan welke mogelijkheden er zijn voor mensen die op een andere manier willen betalen. Ook zou in de communicatie naar de bewoners gewezen worden op wellicht een andere mogelijkheid te betalen. Inmiddels heb ik de bijbehorende flyer gelezen en ik heb dan ook de volgende vragen:

 

  1. Hoe kunnen mensen een parkeervergunning dan wel een bezoekersvergunning aanvragen als zij niet digitaal vaardig zijn, dan wel niet over een computer beschikken? De website biedt geen oplossing en er wordt geen mogelijkheid geboden op een andere wijze te betalen.

 

  1. De uitleg voor de bezoekersvergunning is niet echt duidelijk en voor veel mensen zal het aan- en afmelden problemen met zich mee brengen, waardoor er wellicht teveel betaald gaat worden omdat men vergeet af te melden of een bekeuring krijgt omdat men vergeet aan te melden. Bent u bereid te zoeken naar een meer klantvriendelijke oplossing voor degenen die niet digitaal vaardig zijn?

 

  1. Bent u bereid om op de kortst mogelijke termijn bewoners die niet goed raad weten met deze nieuwe wijze van het verlengen van parkeervergunningen /bewoners-vergunningen een alternatief aan te bieden om alsnog aan de benodigde vergunning(en) te komen, bijvoorbeeld door dit schriftelijk te doen. Als mensen straks hun vergunning niet verlengd hebben, krijgen zij een boete en dat kan toch niet de bedoeling zijn. Landelijk wordt er steeds o.a. door de Nationale Ombudsman gewaarschuwd voor het feit dat mensen buiten de boot vallen door de toenemende digitalisering en dat het belangrijk is dat er altijd een alternatief is.

 

  1. In de flyer wordt gesproken over de mantelzorgvergunning. Kunt u aangeven hoe en waar deze vergunning kan worden aangevraagd en wat de criteria zijn. Dat staat niet in de flyer en ook op de niet al te duidelijke website is het niet terug te vinden.

 

  1. Hoe zit het met vergunningen voor hulpverleners als medewerksters van de thuiszorg, huisartsen etc.

 

  1. Bent u bereid ervoor te zorgen dat inwoners die telefonisch/schriftelijk bij de gemeente aangeven niet in staat te zijn een vergunning aan te vragen en dit niet tijdelijk hebben geregeld voor 1 juni a.s. een eventuele boete kwijt te schelden.

 

Graag zie ik uw beantwoording op korte termijn tegemoet, aangezien er inmiddels de nodige

onrust is ontstaan en de nieuwe regeling al per 1 juni a.s. ingaat.

Met vriendelijke groet,

Ank de Groot-Slagter, fractievoorzitter RijnGouweLokaal

Ook uw mening laten horen? Wordt lid van RijnGouweLokaal!

 

Vragen Rijngouwelokaal inzake stoppen toelage huishoudelijke hulp

VRAGEN OP GROND VAN ARTIKEL 40 REGLEMENT VAN ORDE

Alphen aan den Rijn, 1 november 2017

Geacht College,

Onze fractie heeft kennis genomen van de uitslag Huishoudelijke Ondersteuning en afloop Huishoudelijke Hulp Toelage.

Wij zijn geschrokken van uw mededeling dat u stopt met de toelage huishoudelijke hulp.

U geeft aan dat de regeling rechtstreeks inging tegen uw beleid. Voorts geeft u aan dat de regeling veel is gebruikt (ongeveer 400 mensen) omdat niet iedereen een beroep wil doen op zijn of haar netwerk.

De middelen worden nu toegevoegd aan het budget huishoudelijke ondersteuning, zodat er beter rekening gehouden kan worden met de cao-lonen.

Wij hebben de volgende vragen:

Waarom hebt u gekozen voor het afschaffen van deze regeling, die voorziet in een grote behoefte van mensen die zorg nodig hebben?

Het gaat over 400 mensen, zo begrijp ik uit de brief aan de gemeenteraad. Over hoeveel uur gaat dat in totaal en over welk bedrag hebben wij het dan?

Waarom hebt u aan de raad geen voorstel gedaan de Huishoudelijke Hulp Toelage in stand te houden en daar budget voor vrij te maken?

Het geld moest gebruikt worden om te zorgen dat de aanbieders van huishoudelijk ondersteuning geen grote problemen zouden krijgen door de landelijke bezuinigingen. In uw brief aan de gemeenteraad geeft u aan dat de middelen voor Huishoudelijke Hulp Toelage zijn toegevoegd aan het budget Huishoudelijke Ondersteuning, zodat het mogelijk is rekening te houden met de cao-lonen in de thuiszorg. Bent u het met mij eens dat het budget sowieso voldoende moet zijn om rekening te houden met de cao-lonen in de thuiszorg? Men is toch immers verplicht via de cao uit te betalen?

U geeft in de brief aan de gemeenteraad aan dat u aan de Huishoudelijke Hulp Toelage hebt meegewerkt in verband met de werkgelegenheid in de thuiszorg. Kunt u aangeven hoe zich dat verhoudt met de verwijzing naar Tom in de Buurt en het feit dat deze organisatie vrijwilligers inschakelt om werkzaamheden te verrichten? Ik wijs bijvoorbeeld op de nieuwe was- en strijkservice. Een vrijwilliger van Tom in de Buurt komt tweemaal per week (op maandag en donderdag) de was ophalen. De was wordt gewassen en gestreken bij een wasserij. Vervolgens wordt de was weer teruggebracht. De vrijwilliger kost geen geld (alhoewel, Tom in de Buurt ontvangt veel subsidie, dus de vrijwilliger kost indirect wel geld), maar de wasserij zal dit zeker niet gratis doen. Kunt u aangeven welke afspraken hierover gemaakt zijn en hoeveel de inwoners hier zelf voor moeten betalen? Is het niet veel handiger dit soort zaken gewoon door de vaste medewerkster van de Thuiszorg te laten doen in plaats van vrijwilligers van Tom in de Buurt? Het lijkt er toch erg veel op dat betaald werk wordt vervangen door vrijwilligerswerk en dat straks mensen in de thuiszorg minder uren maken en vervangen worden door de vrijwilligers van Tom in de Buurt.

Zijn er overigens voldoende vrijwilligers om dit op te pakken?

Bent u het met ons eens dat hier sprake is van een aanzienlijke verschraling van de hulp, in feite gewoon een bezuiniging op de toch al uitgeklede thuiszorg?

Graag zou ik op korte termijn een antwoord van u ontvangen, zodat ik in ieder geval tijdens raadsvergadering van november a.s. een motie kan indienen om budget te blijven houden voor deze regeling.

Met vriendelijke groet,

Ank de Groot-Slagter, fractievoorzitter RGL

Vragen over nieuwbouw Rode Dorp door Woonforte

Foto uit 1981 van de Grijpensteinstraat (Archief Oud Alphen van Jan P.de de Groot)

VRAGEN OP GROND VAN ARTIKEL 40 REGLEMENT VAN ORDE

Alphen aan den Rijn, 22 oktober 2017

Het College van Burgemeester en Wethouders

Geacht College,

Onze fractie heeft diverse berichten gelezen en signalen ontvangen over de renovatie/nieuwbouw van een aantal huizen in het zgn. “Rode Dorp”. Wij hebben begrepen dat Woonforte de huurhuizen in het Rode Dorp wil afbreken en daarvoor in de plaats nieuwe huizen wil bouwen. Verder hebben wij begrepen dat door het nieuwe bestemmingsplan “Alphen Stad” vertraging zou kunnen ontstaan.

Wij hebben de volgende vragen:

  1. Wat is de huidige status van de plannen van Woonforte en wat is de reden van een eventuele vertraging door het nieuwe bestemmingsplan “Alphen Stad”?
  2. Wij begrijpen dat Woonforte de huizen in het Rode Dorp wil afbreken en nieuwe huizen terug wil zetten, omdat veel van deze huizen niet meer voldoen aan de eisen van de huidige tijd. Echter, in het Rode Dorp zijn niet alleen huurhuizen, maar is er eveneens sprake van koopwoningen, zelfs gemengd in dezelfde straat. Hoe wordt omgegaan met de eigenaren van deze koopwoningen? De kans bestaat dat zij jarenlang in een bouwput terechtkomen, nu wij gehoord hebben dat de renovatie van de wijk wel 5 tot 7 jaar kan gaan duren. Kortom, hoe gaan de gemeente/Woonforte deze eigenaren betrekken bij de renovatie.
  3. Hoe gaat het aanzicht van de wijk er in de toekomst uitzien? Nu alleen de huurwoningen nieuw gebouwd worden en de koopwoningen niet, ontstaat er in een aantal straten wellicht een groot verschil in bouw. Woonforte is verantwoordelijk voor de huurhuizen, maar de gemeente en Woonforte hebben naar onze mening ook een verantwoordelijkheid naar de eigenaren van de koopwoningen.
  4. Komt hetzelfde aantal huizen terug?
  5. Wordt tegelijkertijd met de bouw van de nieuwe woningen ook de wijk heringericht als het gaat om bestrating, parkeergelegenheid, groen, speelgelegenheid;
  6. Is er ook contact geweest met de in deze wijk aanwezige speeltuinvereniging ? Gaat er voor deze speeltuin iets veranderen? Dat zelfde geldt overigens voor de in deze wijk aanwezige school.
  7. Wij gaan ervan uit dat u in het overleg met Woonforte ook over de nieuwe huurprijs van de woningen heeft gesproken. In het Rode Dorp is op dit moment sprake van relatief lage huurprijzen en de huizen moeten ook in de toekomst betaalbaar blijven voor mensen met lagere inkomens. Wat is hierover afgesproken?
  8. In de Jan Nieuwenhuijzenstraat bevindt zich in een gedenksteen. Gemetseld bij de bouw van deze straat. Wilt u ervoor zorgdragen dat deze gedenksteen weer in de straat wordt teruggeplaatst.
  9. Verder hebben wij vragen gekregen over de bouw van de scholengemeenschap aan de Tolstraat. Er zijn eigenaren van woningen die vrezen voor hun woning als daar geheid gaat worden. Daar zouden de oude huizen in die omgeving niet tegen bestand zijn. Kunt u daar ook iets meer over zeggen?

 

Met vriendelijke groet,

Ank de Groot-Slagter, fractievoorzitter RijnGouweLokaal

verzoek op grond van de Wet Openbaarheid Bestuur om de vaststellingsovereenkomst die met Sportspectrum is gesloten, openbaar te maken

VERZOEK WET OPENBAARHEID BESTUUR

 

Alphen aan den Rijn, 22 oktober 2017

 

Het college van B en W van de gemeente Alphen aan den Rijn

 

Geacht College,

 

Zoals tijdens de raadsvergadering van 21 september jl. al aangekondigd wensen RGL en SP inzage te krijgen in de met Sportspectrum gesloten vaststellingsovereenkomst. De behandelend wethouder heeft aangegeven dat de vaststellingsovereenkomst wel vertrouwelijk kan worden ingezien, maar dat is niet voldoende. Er is destijds veel discussie over Sportspectrum geweest en het getuigt van transparant bestuur  om in alle openbaarheid aan te geven hoe deze zaak is afgewikkeld en welke afspraken er zijn gemaakt. Raadsleden dienen ook hun controlerende functie te kunnen uitoefenen en zo nodig in de openbaarheid vragen kunnen stellen over de inhoud. Volgens de behandelend ambtenaar kan deze informatie niet gevraagd worden via de WOB op basis van artikel 10, lid 2 g, maar juist die verwijzing roept nog meer vragen op. Immers er staat dat het verstrekken van informatie achterwege blijft voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen onevenredige bevoordeling of benadeling van de bij de aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel derden.

 

Daarom verzoek ik u mede namens Ronald Geurts van de SP nogmaals om op basis van de Wet Openbaarheid Bestuur openbaarmaking van de met Sportspectrum gesloten vaststellingsovereenkomst.

 

Met vriendelijke groet,

mede namens Ronald Geurts,

Ank de Groot-Slagter

Vragen over financiële bijdrage aan AZC

VRAGEN OP GROND VAN ARTIKEL 40 REGLEMENT VAN ORDE

Alphen aan den Rijn, 22 oktober 2017

Het College van Burgemeester en Wethouders

 

Geacht College,

 

Op 11 juli 2017 hebt u besloten een aanbevelingsbrief te verzenden naar de LEN (Ligue Européenne de Natation), de Europese Waterpolo Bond. U schrijft in uw besluit dat de formele steun van de lokale overheid is vereist. De gewenste support van de gemeente zou volgens uw besluit bestaan uit een formele supportbrief en een financiële bijdrage van 2 x

€ 30.000,00. Deze bijdragen zouden voor LEN het fundament en garantie zijn voor de organisatie. Volgens hetzelfde besluit moeten de begroting en de verdere financiële risico’s nog verder uitgewerkt worden, waardoor er op 11 juli 2017 nog onvoldoende informatie was om een besluit te nemen over de financiële bijdrage. Daarnaast zou er nog een concreet plan moeten komen hoe dit toernooi een bijdrage gaat leveren aan onze maatschappelijke effecten.

Inmiddels zijn we drie maanden verder en onze fractie heeft dan ook de volgende vragen:

 

  1. Is er inmiddels wel voldoende informatie om een besluit te nemen over de financiële bijdrage, zoals vermeld in het collegebesluit van 11 juli jl.

 

  1. Zo ja, wanneer bent u voornemens aan de raad een voorstel te doen deze subsidie ter beschikking te stellen, onder overlegging van alle daarbij behorende stukken, zodat blijkt waaraan de gemeentelijke bijdrage uitgegeven gaat worden. Wij gaan ervan uit dat de inkomsten (sponsorgelden, TV-gelden, toegangsgelden etc.) vermeld worden, alsmede de uitgaven (hotelkosten, representatiegelden, etc.
  1. Zo neen, wanneer denkt u het besluit te nemen?

 

  1. Hoe ver staat het met het concrete plan van aanpak. In uw collegevoorstel stelt u dat het kader het uitvoeringsplan herinrichting sociaal domein is en dat het evenement een bijdrage levert aan de volgende maatschappelijke effecten:

a. Kinderen tot 12 jaar hebben een gezonde leefstijl;

b. Jongeren van 12 tot 27 jaar hebben een gezonde leefstijl;

c. Talentontwikkeling draagt bij aan het terugdringen van “draaglast” en het

vergroten van het eigenvermogen om zelfstandig om te gaan met problemen;

d. Het ontwikkelen van vaardigheden en competenties draagt bij aan:

– aan het behouden en vinden van werk;

– het onderhouden en ontwikkelen van netwerken’

– het voorkomen of opheffen van eenzaamheid;

– het behouden van zingeving en versterken van weerbaarheid;

e.Vrijwilligers leveren een zinvolle bijdrage aan talentontwikkeling en ontwikkelen hiermee zichzelf en/of   anderen;

f. Het bevorderen van een gezonde leefstijl bij kwetsbare inwoners;

g. Inwoners kunnen optimaal meedoen in de samenleving.

Kunt u aangeven hoe deze financiële bijdrage aan het deelnemen van AZC aan de LEN Trophy – indien deze inderdaad verstrekt wordt – daadwerkelijk op bovenstaande punten een bijdrage levert aan het uitvoeringsplan herinrichting sociaal domein.

Met vriendelijke groet,

 

Ank de Groot-Slagter, fractievoorzitter RijnGouweLokaal

.

VRAGEN OP GROND VAN ARTIKEL 40 VAN HET REGLEMENT VAN ORDE inzake sportspectrum

VRAGEN OP GROND VAN ARTIKEL 40 VAN HET REGLEMENT VAN ORDE

 

Alphen aan den Rijn, 14 juli 2016

 

Het college van B en W

 

Geacht College,

De fracties van SP en RijnGouweLokaal hebben kennis genomen van uw brief d.d. 7 juli 2016 met betrekking tot de stand van zaken beëindigde subsidiezaken. In deze brief schrijft u dat de subsidie voor Sportspectrum op 5 juli 2016 definitief is vastgesteld door het college en dat deze subsidie lager is dan voorlopig verleend. U vordert ter zake een bedrag ad € 505.429,00 terug. Daarnaast vordert u een bedrag ad € 1.064.395,00 terug wegens de afsluiting van de meerjarige subsidierelatie. Het zou hier gaan om middelen die als vreemd vermogen op de balans staan van Sportspectrum en bedoeld zijn voor taken die vanaf 2016 niet meer bij Sportspectrum liggen.

Wij hebben naar aanleiding van het bovenstaande de volgende vragen aan u.

  1. Waarom bent u van mening dat Sportspectrum een bedrag van ruim € 1 mio moet terugbetalen ter zake van vreemd vermogen? Het gaat volgens u om taken die vanaf 2016 niet meer bij Sportspectrum liggen, maar waarom zou dat geld dan aan de gemeente terugbetaald moeten worden? Is dat geld op voorhand door de gemeente aan Sportspectrum betaald voor taken die niet uitgevoerd worden of is hier sprake van een reservering door Sportspectrum? Wat verstaat u precies onder vreemd vermogen? Waarom heeft u op basis van de voorgaande jaarverslagen van Sportspectrum niet eerder onderdelen van het vreemd vermogen terug gevorderd?
  1. U vordert een bedrag van € 505.429,00 subsidie terug van Sportspectrum. Kunt u aangeven waarom de subsidie aanzienlijk lager is dan voorlopig verleend?
  1. Is het op korte termijn terugvorderen van deze bedragen niet in strijd met uw brief d.d. 18 januari 2016 aan Sportspectrum? In die brief schrijft u (samengevat) immers dat u openstaat voor eventuele financiële hulpvragen, ondanks het feit dat er voor de gemeente geen enkele juridische gehoudenheid bestaat tot betaling van frictiekosten. U bent bereid bij te dragen onder een aantal voorwaarden. Algemeen uitgangspunt was en is dat Sportspectrum verantwoordelijk is voor de financiële opgaven die bij Sportspectrum spelen. Mocht dat onverhoopt niet lukken, dan is de gemeente bereid bij te dragen in de kosten die zijn ontstaan door het beëindigen van de subsidierelatie met de gemeente. U wilde verder van Sportspectrum weten welke bedragen Sportspectrum zelf op tafel kan leggen teneinde een zo gering mogelijk beroep te doen op de gemeente.
  1. Regelmatig hebben wij beiden vragen gesteld over de openstaande debiteuren van Sportspectrum. Bent u ervan op de hoogte dat onder andere de Sportverenigingen ARC en AZC debiteuren zijn van Sportspectrum en hun betalingsverplichtingen niet dan wel slechts ten dele kunnen nakomen? Zo ja sinds wanneer bent u hiervan op de hoogte en welke stappen heeft u ondernomen ten aanzien van de openstaande debiteuren nu debiteuren verwijzen naar met de gemeente gemaakte afspraken.
  1. Bent u ervan op de hoogte dat nu u op korte termijn ongeveer € 1.5 mio terugvordert van Sportspectrum, Sportspectrum genoodzaakt is AZC en ARC aan te spreken voor de openstaande bedragen, zeker nu de betalingsregelingen niet, dan wel slechts ten dele worden nagekomen en Sportspectrum nu het geld zelf dringend nodig heeft?
  1. Bent u zich ervan bewust dat Sportspectrum de door u gevorderde bedragen niet op korte termijn kan terugbetalen, waardoor een faillissement van Sportspectrum dreigt en in het verlengde daarvan ook ARC en AZC (nog) verder in de financiële problemen komen? Wat is uw standpunt in deze? Wat betekent daarnaast het faillissement van Sportspectrum voor Boost en andere taken die zij in opdracht van de gemeente uitvoert?
  1. Bent u bereid de vordering op Sportspectrum voorlopig te “bevriezen” en deze niet op te eisen, maar eerst met de gemeenteraad te overleggen over de huidige situatie, waarbij wij vragen om een duidelijke uitleg over de reden van verlaging van de subisidie en de middelen die terugbetaald moeten worden omdat het hier om vreemd vermogenzou gaan en de middelen derhalve niet voor Sportspectrum bestemd zouden zijn. Zo nee waarom niet?
  1. Gezien de urgentie van de situatie en eventueel dreigende faillissement(en) verwachten wij van u dat u op zeer korte termijn tot beantwoording van onze vragen over te gaat en dat u tot aan de beantwoording geen nadere stappen tegen Sportspectrum gaat ondernemen. Mocht u hiertoe niet bereid zijn, dan verzoeken wij u ons eveneens te informeren. Wij zullen dan ondanks het zomerreces op de kortst mogelijke termijn een spoeddebat aanvragen.

 

Met vriendelijke groet,

 

Ronald Geurts en Ank de Groot-Slagter

RGL en SP maken zich zorgen over (mogelijk) faillissement Sport Spectrum

De fracties van de SP en RGL hebben vandaag vragen aan het college van B&W gesteld over de collegebrief waarin zij aankondigen ruim anderhalf miljoen euro terug te vorderen van Sport Spectrum.

Ank de Groot van RGL: “wij zijn natuurlijk al langer met de afwikkeling van Sport Spectrum bezig en hebben herhaaldelijk gevraagd naar zaken als de openstaande debiteuren en de eventuele terugvordering van gelden van Sport Spectrum. Deze actie van het college roept alleen nog maar meer vragen op.” Ronald Geurts (SP) vult aan: “ De gevolgen kunnen groot zijn. Het gaat niet alleen om de organisatie zelf maar met name ook om de sportverenigingen die nog een uitstaande schuld hebben staan bij Sport Spectrum. Zie zullen dan snel aan hun openstaande verplichtingen moeten voldoen. Met alle mogelijke gevolgen van dien want als ze dat niet kunnen dan vallen ze om.”

Vandaar dat beide fracties hierover gezamenlijk artikel 40 vragen aan het college hebben gesteld. Daarnaast roepen ze het college op om geen nadere stappen tegen Sport Spectrum te ondernemen voordat hun vragen zijn beantwoord en voordat duidelijk is wat dit betekent voor de betrokken organisaties . Mocht het college hier niet voor openstaan dan zullen zij een verzoek voor een spoeddebat indienen.

 

Vragen RijnGouwelokaal voortgang Lage Zijde

VRAGEN OP GROND VAN ARTIKEL 42 VAN HET REGLEMENT VAN ORDE

Alphen aan den Rijn, 8 februari 2016

Het college van B en W

Geacht College,
Naar aanleiding van de presentatie over de stand van zaken rond de Lage Zijde tijdens de commissievergadering van donderdag 4 februari 2016 heeft onze fractie de volgende vragen.

1. Het Nutsgebouw krijgt de functie die het verdient: sloop van omliggende panden is noodzakelijk omdat een vrijstaand Nutsgebouw bijdraagt aan het op de kaart zetten van (het centrum van) Alphen.
Kan het College aangeven hoe zich dat verhoudt met de huidige bouw aan de voorkant en achterkant van het Nutsgebouw? Het gebouw wordt zowel aan de voorkant als aan de achterkant totaal ingebouwd en er is geen sprake van een vrijstaand Nutsgebouw.

2. Volgens de nota van uitgangspunten is er ruimte voor kleinschalige initiatieven en experimenten door kleinschalige transformatie, herstructurering, renovatie en hergebruik van bestaand vastgoed. Kan het college aangeven waar op dit moment sprake is van deze zaken. Welk vastgoed wordt hergebruikt of gerenoveerd en in het verlengde daarvan, is er al een plaats gereserveerd voor de gevelsteen van De Prins van Oranje, een en ander conform de door ondergetekende ingediende en aangenomen motie?

3. Inmiddels zijn ook de oude panden van Bakkerij Van Vliet aangekocht. Kan het college aangeven wat de plannen zijn met dit pand?

4. Lopend in de Van Mandersloostraat richting Nutsgebouw zal er een brug moeten komen over de verbrede Aar. Onder die brug moeten sloepen kunnen varen. Kan het college aangeven hoe hoog de brug wordt en hoe het met de oprit/afrit van de nieuw te bouwen brug staat? In de raad is namelijk al eerder gewaarschuwd voor een te hoge brug in verband met mensen, die gebruik maken van een rolstoel, scootmobiel, rollator, ouders met kinderwagen etc. Bij een langere oprit zullen de winkels er last van krijgen en bij een kortere oprit bepaalde gebruikers.

5. U schrijft in de nota van uitgangspunten dat het belangrijk is de Aarhof te betrekken bij de ontwikkelingen. In de krant laat de huidige eigenaar weten dat wat hem betreft de bibliotheek hoe dan ook deel moet gaan uitmaken van de Aarhof. Deelt u de mening van de eigenaar van de Aarhof over de bibliotheek? Zo nee, wanneer komt u met voorstellen over nieuwe huisvesting van de bibliotheek?

6. Kunt u aangeven welke plannen er zijn met betrekking tot de markt. Op dit moment trekft de markt zeker op zaterdag veel mensen richting Lage Zijde. Als de markt naar de Hoge Zijde wordt verplaatst, zal dat de Lage Zijde in het weekend minder aantrekkelijk maken.

7. In de komende tijd gaat er veel gebouwd worden aan de Hooftstraat. Tijdens de presentatie van donderdag jl. werd aangegeven dat veel (zwaar) vrachtverkeer over de Lijserlaan zal gaan. Bent u bereid aanvullende verkeersmaatregelen te treffen op de Lijsterlaan, zoals een 30 kiliometerzone, dan wel alleen zwaar vrachtverkeer toe te staan tussen bepaalde uren. Als straks de straks de Julianabrug weer open is, zal het verkeer nog meer toenemen, met als gevolg nog meer onveiligheid.

8. Tijdens de presentatie was er ook bezorgheid over het parkeren oftewel een gebrek aan parkeerruimte. Kunt u de laatste berekeningen van de parkeerdruk geven, de zgn. parkeerbalans?

9. Tijdens de commissievergadering werd ook nog ingaan op het feit dat de wethouder inmiddels geregeld zou hebben dat er een rotonde aan de Lijsterlaan zou komen en dat de Bloemhofstraat/Aarkade niet wordt afgesloten. Op zich een prima punt, maar voorzover ik weet is de Raad nog in afwachting van voorstellen, nadat er bewonersavonden zijn geweest en initiatieven zijn besproken en nieuwe ideeën zijn ingediend. Hoe plezierig het misschien ook is dat de wethouder dit soort toezeggingen doet (hij heeft ze volgens de insprekers echter niet schriftelijk bevestigd) en hoezeer wij dit voorstel ook zullen steunen, is het college het met ons eens dat de wethouder (en niet eens die van verkeer) dit soort zaken niet op deze manier kan regelen en de normale procedure hoort te volgen, waarbij recht gedaan wordt aan de inspreekavonden voor bewoners en de positie van de raad.

10. Uit de krant hebben wij begrepen dat het Aargebouw gesloopt gaat worden.
Destijds was er sprake van een parkeergarage en wethouder Van As laat op de website vanNieuw Elan op 23 april 2015 weten dat de mogelijkheden van een parkeertoren onderzocht worden. Kan het college aangeven hoever dat onderzoek is, temeer nu er tijdens de commissievergadering door winkeliers etc. geklaagd werd over parkeerruimte en de wethouder aangaf dat parkeerruimte op eigen terrein moest worden opgelost. Er werd met geen woord gerept over een parkeertoren op de plaats van het Aargebouw. Als er geen parkeertoren komt, wanneer denkt het college dan een voorstel te doen aan de raad voor een invulling van dit perceel grond. Heeft het college daarbij ook de mogelijkheid nog in gedachten de bibliotheek naar het Aargebouw te verhuizen?

11. In de nota van uitgangspunten wordt ook gesproken over het herstel van de historische kade van de Aarkade door middel van bebouwing, maar omdat dit pas in een later stadium gebeurt, wordt er verder nog niet op ingaan, omdat de uiteindelijke begrenzing afhankelijk is van de investeerders. Inmiddels zijn we geruime tijd verder. Is er al iets te melden over een eventuele bebouwing op die plek.

12.. Kunt u een update geven van de financiële stand van zaken op dit moment, inclusief de sloopplannen van het Aargebouw, aankoop pand Bakker van Vliet etc.

13 Tijdens de presentatie is verder gesproken over de stand van zaken rond de verkoop van het Nutsgebouw , de positie van de kopers en La Place. Wethouder van As gaf daarbij aan dat het pand wel verkocht was, maar nog niet geleverd. Hij vermeldde daarbij dat er met de kopers een zgn. “gentlemen’s agreement was gesloten en dat het pand verhuurd zou worden door de kopers aan La Place. Kan het college aangevenof hier sprake is van een schriftelijke of mondelinge gentlemen’s agreement. Indien er sprake is van een schriftelijk stuk, kan dat dan ter inzage worden gelegd? Indien er sprake is van een mondelinge overeenkomst tussen de wethouder en de koper, kan het college dan aangeven hoe de Raad zijn controlerende taak kan uitoefenen als wethouders een gentlemen’s agreement sluiten. Zijn er voor wat betreft de Lage Zijde nog meer gentlemen’s agreements gesloten? Vindt het college het overigens verstandig om een gentlemen’s agreement af te sluiten. Immers, dit is niet afdwingbaar en de koper kan in feite van alles doen (o.a. met het Nutsgebouw) zonder dat het collegeen/of Raad kan ingrijpen. Kan het college verder (vertrouwelijk) aangeven welke andere biedingen er op het Nutsgebouw zijn gedaan, voor welke bedragen, en wat de reden is dat deze biedingen zijn afgevallen.

Wij verzoeken het college deze vragen te beantwoorden en verder lijkt ons na beantwoording van de vragen een commissievergadering op zijn plaats om inhoudelijk over de stand van zaken over de Lage Zijde en alles wat daarmee samenhangt van gedachten te wisselen.

Met vriendelijke groet,

Ank de Groot-Slagter, fractievoorzitter RijnGouweLokaal